| Titel : |
Migrants' and natives' attitudes to formal childcare in the Netherlands, Denmark and Germany |
| Documenttype: |
artikel |
| Auteurs: |
Seibel, Verena, Auteur ; Hedegaard, Troels Fage, Auteur |
| Uitgegeven: |
Amsterdam [Nederland] : Elsevier |
| Publicatiedatum: |
2017 |
| Tijdschrift: |
Children and Youth Services Review Vol. 78 |
| Paginering : |
112-121 |
| Taal : |
Engels (eng) |
| Trefwoorden: |
Gezondheid en welzijn:Gender identiteit:Algemeen Kinderen in kwetsbare situaties:Minderheden en inheemse volkeren:Minderheden Kinderrechten (inter)nationaal:Landen en regio's:Europa Kindertijd:Vroege kindertijd:Kinderopvang en voorschools onderwijs
|
| Samenvatting: |
Deze studie is een van de eerste die de houding van migranten ten opzichte van formele kinderopvang onderzoekt en tegelijk een internationale vergelijking maakt. De sociale investeringsstrategie van de EU heeft onder meer gefocust op het uitbreiden van formele kinderopvang om de vrouwelijke participatie op de arbeidsmarkt te verhogen en kinderen uit gezinnen met een lage SES te betrekken. De strategie heeft veel positieve publieke respons ontvangen maar het succes ervan hangt af van de steun van de doelgroepen waaronder migranten. Deze studie onderzoekt of ook migranten deze positieve kijk op deze strategie delen. Unieke data uit de survey "Migranten" met belangrijke controlevariabelen voor elke migrantengroep en de “Welfare State Attitudes" (MIFARE) worden gebruikt. De houding van 9 migrantengroepen in 3 landen werden vergeleken, namelijk Nederland, Denemarken en Duitsland met die van de autochtone bevolking. Data uit drie verschillende domeinen met betrekking tot de houding ten aanzien van kinderopvang worden geanalyseerd. Eerst en vooral de houding ten aanzien van de organisatie van kinderopvang (formele vs informele). Ten tweede werd de houding ten aanzien van de overheidsuitgaven voor kinderopvang geanalyseerd. Als derde pijler werd de tevredenheid met betrekking tot kinderopvang onder de loep genomen. Op basis van theorie over de effecten van zelfbelang, waarden gerelateerd aan gender en het land van herkomst, werden verschillende hypotheses geformuleerd waarom migranten zouden verschillen van de autochtone bevolking omtrent hun houding ten aanzien van kinderopvang. De bevindingen geven aan dat in Nederland en Denemarken migranten minder voor formele kinderopvang opteren dan de autochtone bevolking maar tegelijkertijd vragen zij om meer publieke uitgaven voor kinderopvang en is men meer tevreden met de formele kinderopvang dan de autochtone bevolking. Voor Duitsland waren de resultaten meer uiteenlopend. De houding ten aanzien van formele kinderopvang in het land van herkomst verklaarde heel veel van de discrepantie in houding tussen migranten en de autochtone populatie. |
| Summary: |
This study is one of the first to look at migrants' attitudes towards formal childcare, and the first one to do so by means of international comparison. The social investment strategy of the EU have, among other things, focused on expanding formal childcare to improve female participation in the labor market and to include children from disadvantaged backgrounds. The strategy has received a lot of positive public response, but the success of it hinges on support from the groups it targets, which includes migrants. We therefore tested whether migrants themselves share this positive view of the strategy. Using unique data from the survey “Migrants'he main control variables for each migrant group and th Welfare State Attitudes” (MIFARE), we compared the attitudes of nine migrant groups in three countries (The Netherlands, Denmark and Germany) with those of the native populations. We analyzed data in three different dimensions of attitudes towards childcare: (1) attitudes towards the organization of childcare (formal vs. informal), (2) attitudes towards public spending on childcare and (3) satisfaction with the provision of childcare. Drawing on theories concerning the effects of self-interest, gender values and country of origin, we postulated several hypotheses as to why migrants might differ from natives in their attitudes towards childcare. We found for the Netherlands and Denmark that migrants are less in favour of formal childcare than natives, though at the same time they ask for more public childcare spending and are more satisfied with the formal childcare provided than the native population. Results for Germany were more mixed. We also found that attitudes to formal childcare in the country of origin explain most of the attitude gaps between migrants and natives. |
| Link naar een elektronische bron: |
http://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0190740917300592 |
| Vaste link: |
http://www.kekidatabank.be/index.php?lvl=notice_display&id=3200 |