| Titel : |
Sociale werkelijkheid en belang van het kind primeren op internationaalprivaatrechtelijke bescherming van intern verbod op draagmoederschap |
| Documenttype: |
artikel |
| Auteurs: |
Pluym, Liesbet, Auteur |
| Uitgegeven: |
Universiteit Gent - Instituut Internationaal Privaatrecht |
| Publicatiedatum: |
2014 |
| Tijdschrift: |
Tijdschrift voor internationaal privaatrecht (TIPR) |
| Paginering : |
183 - 199 |
| Taal : |
Nederlands (dut) |
| Trefwoorden: |
Gezin:Donor- of draagmoederschap Kinderrechten (inter)nationaal:Landen en regio's:Europa:Algemeen Kinderrechten (inter)nationaal:Landen en regio's:Europa:België Kinderrechten (inter)nationaal:Landen en regio's:Europa:Frankrijk
|
| Samenvatting: |
In Frankrijk is draagmoederschap uitdrukkelijk verboden. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens sprak zich in Mennesson en Labassee uit over de Franse weigering om Amerikaanse geboorteakten van kinderen geboren na draagmoederschap te erkennen. Deze twee casi worden besproken. De auteur beargumenteert dat de Franse weigering om buitenlandse geboorteakten na grensoverschrijdend draagmoederschap te erkennen een schending is van artikel 8 evrm. Het Europees Hof zag geen duidelijke schending van het recht op eerbied voor gezinsleven, maar wel een schending van het recht op eerbied voor privéleven van de draagkinderen. De auteur stelt zich eveens de vraag of de Belgische case law verenigbaar met artikel 8 evrm. Welke betekenis heeft de geannoteerde rechtspraak heeft voor België? In België is er een gebrek aan wetgeving hierrond, wat ervoor zorgt dat draagmoederschap noch verboden noch geregeld is. de auteur bespreekt hoe de interne regelgevingen onder druk komen te staan. Tot slot bespreekt ze de vraag omtrent erkenning van buitenlandse geboorteakten binnen een Belgisch statuut voor draagmoederschap de lege ferenda. De Belgische Staat moet in het belang van de wensouders, draagmoeder en in het bijzonder van het (te verwekken) kind een voorzichtige houding aannemen. |
| Summary: |
In France, surrogacy is prohibited. The European Court of Human Rights decided in Mennesson and Labassee on the French refusal to recognize US birth certificates of children born from surrogacy. The author discusses these two cases. Furthermore, the author argues that the French refusal to recognize foreign birth certificates after a cross-border surrogacy is a violation of Article 8 ECHR. The European Court saw no clear breach of the right to respect of family life, but did see a violation of the right to respect for private life of the children. The author discusses the question whether the Belgian case law is compatible with Article 8 ECHR. What consequences does the annotated law have for Belgium? In Belgium there’s a lack of legislation in this matter, which means that surrogacy is neither prohibited nor regulated. The author also discusses how the internal regulations are under pressure. Finally, she discusses the question of recognition of foreign birth certificates within a Belgian statute for surrogacy de lege ferenda. The Belgian State should, in the interest of the prospective parents, surrogate mother and especially the child, adopt a cautious attitude. |
| Link naar een elektronische bron: |
http://www.ipr.be/tijdschrift/tijdschrift52.pdf |
| Vaste link: |
http://www.kekidatabank.be/index.php?lvl=notice_display&id=2962 |