| Titel : |
Verblijfsregelingen en welbevinden van kinderen: Verschillen in gezinskenmerken. |
| Documenttype: |
artikel |
| Auteurs: |
Sodermans, An Katrien, Auteur ; Vanassche, Sofie, Auteur ; Matthijs, Koenraad, Auteur |
| Uitgegeven: |
CeLLO |
| Publicatiedatum: |
2013 |
| Tijdschrift: |
Relaties en Nieuwe Gezinnen Vol. 3, Nr. 11 |
| Taal : |
Nederlands (dut) |
| Trefwoorden: |
Gezin:Echtscheiding Gezondheid en welzijn:Algemeen Gezondheid en welzijn:Huisvesting
|
| Samenvatting: |
Sinds 2006 werd het verblijfsco-ouderschap na scheiding als voorkeursregeling opgenomen in de Belgische wet. Buitenlands onderzoek toonde aan dat kinderen doorgaans een hoger welbevinden vertonen in verblijfco-ouderschap dan in een eenouderverblijf. Deze studie onderzocht de relatie tussen de verblijfsregeling van 707 Vlaamse kinderen tussen 10 en 21 jaar oud en hun subjectief welbevinden. Daarbij werd ook de rol van drie gezinskenmerken bestudeerd: ouderlijk conflict, de ouder-kindrelatie en de aanwezigheid van stiefouders. De data van het 'Scheiding in Vlaanderen' onderzoek werden gebruikt. Er waren geen verschillen in subjectief welbevinden naargelang de verblijfsregeling van kinderen, onder controle van socio-economische en demografische achtergrondkenmerken. Bovendien was er geen modererende invloed van de drie gezinskenmerken op de relatie tussen verblijfsregeling en subjectief welbevinden. Verblijsco-ouderschap lijkt een betere relatie tussen kind en beide ouders te faciliteren in vergelijking met een eenouderverblijf. In verblijfsco-ouderschap is er gemiddeld genomen iets meer conflict dan in een eenouderverblijf, maar dat blijft beperkt tot een niveau dat niet schadelijk is voor het welbevinden. |
| Summary: |
Sinds 2006, a legal recommendation for joint physical custody is included in the Belgian custody law. Earlier research showed that children in joint physical custody have in general better outcomes than children in sole custody arrangements. This study examines the association between joint physical custody and adolescent wellbeing and whether this relationship is conditioned by the degree of parental conflict, the quality of the parent-child relationship and the complexity of the family configuration of mother and father. We use from the Divorce in Flanders survey, and we have information on 707 children between 10 and 21 years old with divorced parents. Overall, the subjective wellbeing of children in joint physical custody was similar to that of children in other custody arrangements. We found no support for moderating effects of parental conflict, quality of relationship with mother and father, and the presence of a new partner in the parental households. Joint physical custody seems to facilitate a better parent-child relationship with both parents when compared to sole custody. In joint physical custody, parents have more occasional conflicts, but this is limited to a level that is not harmful for children. |
| Link naar een elektronische bron: |
http://www.relatiesennieuwegezinnen.be/Jaargangen/2013 - Vol3/ReNG Vol3Nr1 [...] |
| Vaste link: |
http://www.kekidatabank.be/index.php?lvl=notice_display&id=2890 |