
| Titel : |
EU Kids Online: online risks and opportunities for children |
| Documenttype: |
onderzoek |
| Auteurs: |
Vandoninck, Sofie, Onderzoeker ; d'Haenens, Leen, Onderzoeker ; Donoso, Verónica, Onderzoeker ; Segers, Katia, Onderzoeker ; Bauwens, Joke, Onderzoeker ; Livingstone, Sonia |
| Taal : |
Engels (eng) |
| Trefwoorden: |
Kinderen in kwetsbare situaties:Algemeen Kinderen in kwetsbare situaties:Pesten Media:Algemeen
|
| Samenvatting: |
Naarmate het internet en nieuwe online technologieën deel worden van het dagelijkse leven, rijzen prangende vragen naar de sociale gevolgen. Kinderen, jongeren en hun families horen bij de koplopers voor adoptie van nieuwe media. Ze profiteren als eersten van de nieuwe mogelijkheden geboden door het internet, mobiele en breedband content, online spellen en peer-to-peer technologieën. Tegelijk lopen ze de kans om risicovolle of negatieve ervaringen te beleven, waarop ze niet zijn voorbereid. Deze risico's, de dagdagelijkse context waarin ze voorkomen en de manier waarop ermee wordt omgegaan evolueren constant. Rigoureus, up-to-date en contextgevoelig datamateriaal is essentieel met het oog op de ontwikkeling van een flexibel beleidsraamwerk en een academische onderzoeksagenda. Het EU Kids Online project analyseert het onderzoek dat wordt uitgevoerd in de lidstaten naar hoe mensen, in het bijzonder kinderen en jongeren nieuwe media gebruiken. In dit driejarig samenwerkingsverband werken academici samen om het beschikbare onderzoeksmateriaal te identificeren, te vergelijken en te evalueren. De deelnemende landen zijn België, Bulgarije, Denemarken, Duitsland, Estland, Frankrijk, Griekenland, IJsland, Nederland, Noorwegen, Polen, Portugal, Slovenië, Spanje, Tsjechië, Oostenrijk Verenigd Koninkrijk en Zweden. Centrale bevindingen van de eerste fase zijn samengevat in het rapport “EU Kids Online: Final Report”. Uit de eerste studie blijkt onder meer dat het vrijgeven van persoonlijke informatie het grootste en meest voorkomende online risico is, terwijl het ontmoeten van een online contact veel minder frequent voorkomt maar toch het potentieel grootste risico inhoudt. Verder blijkt nog dat kinderen uit gezinnen met lagere inkomens meer blootgesteld zijn aan online risico’s. Over de landen heen is een link tussen gebruik en risico vastgesteld: in Noord-Europese landen neigt ‘hoog gebruik’ naar ‘hoge risico’s’; in Zuid-Europa zien we ‘laag gebruik’ gekoppeld aan ‘lage risico’s’; en in Oost-Europa neigt ‘nieuw gebruik’ naar ‘nieuwe risico’s’. Het rapport formuleert beleidsaanbevelingen om de risico’s te beperken zoals het aanscherpen van regulering via meer zelfregulering vanuit de industrie en het ontwikkelen van meer initiatieven in de sfeer van mediageletterdheid. Uit de resultaten blijkt dat vooral jonge kinderen voor wie het internet nieuw is en kinderen uit lagere socio-economische gezinnen het doelwit moeten zijn van nieuwe campagnes. Het onderzoek maakt ook duidelijk dat de intentie om het internet een veiliger plek te maken voor kinderen evenmin de oplossing is, omdat diegenen die meer risico’s ervaren, tegelijkertijd ook meer kansen benutten. Of anders gezegd: met het terugdringen van de risico’s dreigt men ook de kansen te reduceren. Het onderzoek toont tevens aan dat precies omdat veel ouders in Europa net als hun kinderen inmiddels online zijn, ze een actieve rol kunnen spelen in het veilig houden van internetgebruik voor hun kinderen.
Fase 2: dataverzameling met het oog op aanbevelingen voor beleid (start 1 juli 2009)
Vanaf 1 juli 2009 start een nieuw tweejarig onderzoeksproject in c.a. 20 Europese naar de ervaringen van kinderen met internetrisico’s. Het onderzoek wordt gecoördineerd door prof. Sonia Livingstone (London School of Economics and Political Science) en wordt gefinancierd door het EC Safer Internet Programme met een budget ter hoogte van 2,5 miljoen euro. Voor België zal het onderzoek gecoördineerd worden door Prof. Leen d’Haenens, Centrum voor Mediacultuur en Communicatie-technologie (K.U. Leuven) i.s.m. VUB-collega’s (Prof. Jo Bauwens en Prof. Katia Segers). De studie omvat origineel empirisch onderzoek naar online veiligheidsissues zoals ervaren door duizenden Europese kinderen en jongeren van 9 tot 16 jaar oud en hun ouders. Onder online risico’s worden onder meer blootstelling aan ongeschikte inhoud (bijv. pornografie), ongewenst contact (bijv. ‘sexual grooming’), en ongepast gedrag door kinderen zelf (bijv. cyberpesten) verstaan. In het project zullen kinderen uit ca. 20 landen op basis van dezelfde vragen worden gevraagd wat zij als kansen en risico’s van het internet bestempelen. Tegelijkertijd zullen ook ouders worden gevraagd hoe zij de risico’s inschatten en wat ze ondernemen om die risico’s te beperken. Bedoeling van het nieuwe onderzoek is om beleid hieromtrent te sturen en eventuele mediapaniek te counteren met empirische gegevens. Zo presenteert het EU Kids Online project vergelijkbare gegevens voor elk deelnemend land met het oog op een kijk vanuit Europees perspectief. |
| Summary: |
This multi-national thematic network aims to stimulate and coordinate investigation into the use of new media by children. It employs qualitative and quantitative methods to map European children's and parents' changing experience of the internet, focusing on uses, activities, risks and safety. It also sustains an active dialogue with national and European policy stakeholders. |
| Startdatum / Start date : |
2006 |
| Einddatum / End date : |
2015 |
| Output : |
L. d'Haenens en S. Vandoninck (reds.), Kids Online: Vaardigheden, kansen en risico’s van kinderen en jongeren op het internet, Gent, Academia Press, 2012, 198 blz |
| Financiering / Funding : |
Europese Commissie |
| Onderzoeksinstelling / Research institute : |
KU Leuven/London School of Economics/Vrije Universiteit Brussel |
| Onderzoekstype : |
Theoriegericht, fundamenteel onderzoek - Ander fundamenteel onderzoek/Beleidsgericht onderzoek - Beleidsvoorbereidend onderzoek |
| Discipline : |
Communicatiewetenschappen - (Multi)media |
| Methodologische dimensies : |
(Secundaire) analyse van kwantitatieve crossectionele of longitudinale data/Diepte- en/of expertinterviews/Internationaal/buitenland/Individuen (direct betrokkenen, kinderen) bestuderen of bevragen/Individuen (direct betrokkenen, volwassenen) bestuderen of bevragen |
| Link naar een elektronische bron: |
http://www2.lse.ac.uk/media@lse/research/EUKidsOnline/Home.aspx |
| Vaste link: |
http://www.kekidatabank.be/index.php?lvl=notice_display&id=628 |
|